U bent succesvol uitgelogd.
Nog niet geregistreerd?
Gebruikerservaring Space®Plus
Yves Platteeuw is programmacoördinator voor het Jan Yperman ziekenhuis. Hij bewaakt de onderlinge samenhang tussen projecten en focust zich specifiek op de IT-kant van het elektronisch patiëntendossier.
“Tweeledig. Enerzijds was ik betrokken bij de aankoopprocedure, omdat daar het conceptuele moest worden opgenomen: waar willen we met Jan Yperman naartoe? Wat is het doel van bijvoorbeeld het gebruik van medicatiepompen of infuuspompen?
Anderzijds was ik ook betrokken bij het projectplan. Binnen de implementatie zijn heel wat diensten betrokken, waardoor coördinatie nodig is. We spreken niet alleen over IT voor jullie serverinfrastructuur en applicaties, maar ook over de biotechnische dienst die uiteindelijk het beheer van de pompen doet. En eigenlijk staan altijd eerst de eindgebruikers: wat willen zij en hoe willen zij werken?
Naast de nood aan coördinatie tussen de diensten was het ook noodzakelijk om een integratie te voorzien tussen de Space®plus‑pompen en onze leveranciers. Enerzijds hebben we Capsule als communicatieserver die alle medische data van toestellen capteert en doorstuurt naar nexuzhealth. Anderzijds is er nexuzhealth zelf, dat ons EPD (KWS) levert en de data uit de pompen moest kunnen weergeven.
Het eerste doel was dus om projectmatig te zorgen dat de pompen effectief gebruikt worden op de afdelingen. Daarnaast wilden we een integratie realiseren tussen de Space®plus‑pompen en nexuzhealth. Aangezien er op het moment van implementatie nog geen diepgaande integratie bestond met nexuzhealth - bijvoorbeeld met de oude spuitpompen - hebben wij als ziekenhuis dit project sterk getrokken. Zo wilden we ervoor zorgen dat tot op vandaag alle data die in de pomp wordt verzameld en doorgestuurd naar KWS ook effectief zichtbaar is in KWS. Wij waren het eerste ziekenhuis dat deze integratie mogelijk maakte en waren dus pioniers.”
“Die meerwaarde ligt eigenlijk op meerdere vlakken. Ten eerste zijn er de voordelen voor de patiënt. De volledige alarmering van de infuuspompen kunnen we nu volledig weghalen bij de patiënt. Vroeger werd op de afdeling vaak aan patiënten gevraagd om bij een alarm op de rode bel te duwen. Dit was natuurlijk niet ideaal en gaf stress: patiënten wisten niet altijd wanneer of bij welk type alarm ze moesten bellen.
Het feit dat we met de nieuwe Space®plus‑pompen elke pomp op afstand kunnen opvolgen, is een enorm voordeel. We hebben jullie centrale alarmeringsoplossing OneViewplus, waarbij we op de verpleegpost een overzicht hebben van alle infuuspompen op de afdeling. Je ziet alle alarmen verschijnen en we hoeven niet meer te vertrouwen op de patiënt om ons te verwittigen wanneer er een fout optreedt, wanneer een infuus bijna leeg is of wanneer er een occlusie is. Vroeger hoorde de verpleegkundige een alarm wel auditief, maar het was niet meteen duidelijk welke pomp en in welke kamer.
Twintig jaar geleden, toen ik zelf nog op het operatiekwartier stond, moesten we om de vijf minuten alles noteren: parameters, medicatie, vulling... Nu valt dat volledig weg. Alle infuuspompen zijn geconnecteerd op het ziekenhuisnetwerk en geïntegreerd in KWS via auto‑documentatie. Ook onze monitoring is geconnecteerd. Die administratieve last valt dus weg, waardoor er meer tijd is om zorg aan bed te geven.”
“Ik weet van nexuzhealth dat dit op hun roadmap staat om in de toekomst ook voorschriftorders te kunnen uitsturen. We hebben NexuzHealth die vraag gesteld, maar voorlopig zijn er nog geen concrete afspraken of timings.”
“Eigenlijk hebben we de expertise die we sinds 2008 hadden opgebouwd — de koppeling tussen de oude Space®plus‑pompen en KWS — vertaald naar nexuzhealth. We hebben letterlijk gezegd: “Hoe was het zichtbaar in ons vorige pakket? We willen hetzelfde.”
We wilden geen verschil voor onze eindgebruikers: dezelfde manier om de koppeling op te starten en dezelfde manier van data‑visualisatie. We hebben print‑screens van het vorige pakket gebruikt om dit zo te laten nabouwen in NexuzHealth.
Het was een iteratief proces. We legden een concept voor aan NexuzHealth en zij bekeken wat technisch mogelijk was binnen de nieuwe module. We stemden steeds af met eindgebruikers of het werkbaar was. In het begin was er nog veel klikwerk, dat hebben we teruggekoppeld en ondertussen is dat sterk verbeterd. Nu is er een heel eenvoudig voorschrijfmechanisme: het order wordt voorgeschreven in nexuzhealth en bij het bewaren wordt meteen gevraagd met welke infuuspomp er moet worden gekoppeld.
Door gedurende vier maanden in ons eigen bureau twee pompentorens te plaatsen en continu te testen met testpatiënten - therapieën aanpassen, arts spelen, fouten opzoeken - konden we alle kinderziektes eruit halen. Vanaf dat moment konden we live gaan op operatiekwartier en intensieve zorgen. Het zou voor ons een no‑go zijn geweest om live te moeten gaan zonder de koppeling met de Space®plus‑pompen.”
“Standaard wordt altijd de medicatienaam doorgegeven, de infuussnelheid of ingestelde infuussnelheid, en de gegeven bolussen. Je krijgt een cumulatieve dosis/volume te zien. Bij TCI wordt alle gekoppelde data meegegeven: target, plasma‑ en effectconcentratie. Binnenkort gaan we de Space®plus‑pompen ook gebruiken voor PCS/PCA/PI(E)B. Dan wordt ook de lock‑out zichtbaar, hoeveel bolussen de patiënt heeft aangevraagd (attempted) en hoeveel er effectief zijn toegediend (delivered).”
“De enterale voeding is een volgende omschakeling. Vroeger gebeurde dat met een ander type pomp. Ook daarvoor wilden we connectiviteit met het EPD, maar dat was niet mogelijk. Dat jullie pomp wél geconnecteerd is én enterale voeding ondersteunt, is voor ons een grote meerwaarde.
Het voordeel van met één infuuspomp te werken, is dat alles in één toren zit. Er staan dus geen extra pompen rond de patiënt; alles is centraal. Enterale voeding zal binnenkort dus ook met de Space®plus‑pompen gebeuren.”
“We zijn gestart op spoedgevallen, operatiekwartier (TCI) en Intensieve Zorgen. Dat was de eerste golf. De tweede golf bevat materniteit (PCA/PI(E)B), de internistische diensten, de chirurgische diensten en ons oncologisch dagziekenhuis.”
“Ik zou heel graag DoseTracplus gebruiken, zeker wanneer we overschakelen naar de PCA/PCS‑protocollen. Zo krijgen we inzicht in hoeveel keer een patiënt heeft proberen drukken. Daarnaast willen we DoseTracplus gebruiken om te zien hoe vaak eindgebruikers zachte of harde limieten willen overschrijden.
Bij het implementeren van medicatiebibliotheken stelt de apotheker soms de vraag: “Welke limiet moeten we instellen?” Met DoseGuardplus kunnen we nagaan of limieten te laag of te hoog zijn ingesteld. Ook voor gebruiksanalyses is het handig: je ziet duidelijk of pompen wel of niet gebruikt worden, hoe vaak en op welke dienst. Hoofdverpleegkundigen willen alles het liefst met infuuspompen doen, maar budgettair kan dat niet. DoseGuardplus helpt om pompen efficiënt in te zetten.”
“Ja, op twee bijkomende diensten: het oncologisch dagziekenhuis en materniteit.
OneViewplus biedt de verpleegkundigen een duidelijk overzicht van de voortgang van therapieën, waardoor ze niet afhankelijk zijn van het auditieve alarmsignaal of van meldingen door patiënten. Op oncologisch dagziekenhuis is dat een grote meerwaarde.
Op materniteit — waar vroedkundigen met twee zes verloskamers beheren — is een centraal overzicht eveneens cruciaal. We koppelen OneViewPlus aan ons centraal digital‑signageplatform zodat de pagina zichtbaar is op centrale schermen. Daarnaast zorgen we dat alarmen van de Space®plus‑pompen ook op de DECT‑toestellen of telefoon van de vroedkundige verschijnen.”
“Heel vlot. Ik heb vier favorieten in mijn telefoon die ik zowel binnen als buiten de kantooruren makkelijk kan bereiken. Vaak gaat het om informatievragen, maar als er een probleem is, zijn collega’s snel en goed bereikbaar. Ook tijdens de implementatie werd er goed meegedacht over het ziekenhuisconcept. We hebben bij de opstart sterk nagedacht: “Hoe gaan we de pompen gebruiken?” “Gaan we ze delen tussen afdelingen?”
We wilden dat een pomp die opgestart wordt op het operatiekwartier meegaat naar Intensieve Zorgen en daar verder gebruikt wordt. Dat is een groot voordeel voor de connectiviteit en continuïteit van het patiëntendossier. Samen met Naziha hebben we dat concept kunnen realiseren.”
“Het uitwerken van je infuusconcept is heel belangrijk. Het mag niet zo zijn dat het connecteren van pompen een extra administratieve last vormt voor verpleegkundigen en artsen. Het koppelen van een pomp aan het EPD moet vlot en intuïtief verlopen.
We hebben lang nagedacht over zaken zoals: “Hoe werken we met locaties?”, “Werken we met QR‑codes op de pomp die gescand moeten worden?” Dat is een belangrijk aandachtspunt.
Een laatste tip: validatie. We willen geen foutieve data in het EPD. Dus voldoende testen voor live‑gang is cruciaal. Zo merkten we bijvoorbeeld dat bij de Take‑Over‑modus een tweede Space®plus‑pomp automatisch de eerste overneemt en dat er dus twee pompen aan één voorschrift gekoppeld zijn. Hoe je dat in je EPD opvangt, moet je vooraf goed bepalen. Testen en valideren is daarom essentieel.”